Allergenen zijn natuurlijke stoffen die in onze omgeving voorkomen. Omdat niet alle stoffen allergenen zijn, betekent dit dat sommige stoffen WEL en andere stoffen NIET in staat zijn om de heftige afweerreactie, die tot de allergieklachten leidt, te veroorzaken.
Bekende allergenen kunnen worden gevonden in:
» Voedingsmiddelen (b.v. melk)
» Geneesmiddelen (b.v. antibiotica)
» Insectengif (b.v. wespensteek)
» Stoffen die contact met de huid maken (b.v. nikkel)
» Stoffen die specifiek voor een bepaalde beroepsgroep zijn (b.v. latex handschoenen)
» Stoffen die in de lucht zweven (b.v. pollen, huisstofmijten en huidschilfers van (huis)dieren)
Inademing van de laatste groep stoffen, die ook wel inhalatieallergenen worden genoemd, leidt tot luchtwegallergieën. De klachten kunnen seizoensgebonden of permanent (gedurende het hele jaar) aanwezig zijn. Niet alle allergenen geven even veel klachten, zo leidt een allergie voor de huidschilfers van katten tot veel meer klachten dan een allergie voor de huidschilfers van honden. In dit verband wordt gesproken over het meer of minder “allergeen” zijn van een stof.
Het vaststellen van de bron van allergenen is belangrijk wanneer behandelingen worden gestart die specifiek zijn voor het allergeen en voor het geven van gerichte adviezen.